Nijverheid:
- Algemeen...
- Vlasnijverheid...
- Blokmakers...
- Linnennijverheid...
- Kantnijverheid...
- Wijmenbewerking...
- Visserij...
- Vogelvangst...
- Vellenbewerking...
Erfgoed:
- De polders...
- Gebinten...
- Hoevetypen...
- Schuurtypen...
- Het erf...
- Kloosterarchitectuur...
- Over boerderijen...
- Gerief en alaam...
- Volksgebruiken...
- Het bouwbedrijf...
![]()
De moniken van de machtige abdijen als "Ter Duinen, Ter Doest en Sint Pieters" hadden in dienst honderden lekebroeders die de vruchtbare schorren uitversten, daarvoor hadden ze echter grote leningen aangegaan die moeilijk terug te betalen waren toen die broeders stilaan schaarser werden; en er moest overgegaan worden tot verpachting en zelfs tot verkoping.
Ongetwijfeld kunnen we zeggen dat de kloosterarchitectuur van grote invloed geweest is bij de verbreiding van een technisch ongemeen sterk gebintestelsel niet alleen bij de driebeukige schuurgebouwen en dito ziekenzalen zoals het St. Janshospitaal, maar ook bij de schuur- en wagenbergtypen.
Het zal wel voor alles om praktische redenen geweest zijn, dat de middeleeuwse moniken-architecten een uitgesproken voorkeur hadden voor dergelijke gebintesystemen, aangewend bij driebeukige gecombineerde bestanddelen, die ons aan de oudere hallebouw herinneren.
Op alle gebied heeft in de XII-XIIIe eeuw de kloosterbeschaving grote vernieuwing gebracht aan de houtbouwtechniek. De XIII eeuw is het intrede van de gebinten. In de evolutie zijn waarschijnlijk de stijlgebinten het oudst. Zulk gebinte wordt gevormd door twee rechte stijlen, door een dwarsbalk verbonden, die elk een langsbalk "de fliering" dragen.
Schoren tussen stijlen en flieringen evenals korbelen tussen de stijlen en verbindings- of ankerbalk zorgen voor de nodige stabiliteit van de steunconstructie.
Deze vorm is eeuwen
lang in gebruik geweest in de boerderijbouw.
Ter Doest:
Deze abdij werd opgericht als een filiaal van de abdij Ter Duynen (Koksijde).
De abdij bezat uitgestrekte gronden, was zeer rijk en had beroemde abten.
Van het klooster zelf blijft jammer genoeg niet veel meer over, behalve de
reusachtige tiendenschuur en een aantal bijgebouwen.
Die bijgebouwen werden opgericht uit het puin van de abdij na de vernieling door de Geuzen.
![]() |
![]() |
![]() |
|---|
![]() |
![]() |
|---|
![]() |
Ten Bogaerde:
![]() |
![]() |
![]() |
|---|
![]() |
![]() |
![]() |
|---|
Baudeloo:
![]() |
![]() |
|---|
![]() |
![]() |
|---|
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |



















